De verhuurder betaalt mijn borg niet terug, kan dit zomaar?

Een borgsom, ook wel waarborgsom genoemd, is een gangbaar onderdeel van het aangaan van een huurovereenkomst. De borgsom wordt bij aanvang van de huurovereenkomst betaald om bij het einde van de huurovereenkomst eventuele schade aan de huurwoning of huurachterstand waarvoor de huurder aansprakelijk is, uit te kunnen voldoen.

Wanneer mag de verhuurder de borgsom verrekenen?
Ten eerste mag de verhuurder de borgsom verrekenen als er sprake is van huurachterstand, doordat de huurder zonder rechtsgrond zijn betalingsverplichtingen niet of niet geheel is nagekomen. Ten tweede mag de verhuurder de borgsom verrekenen met schade door gebrekkige oplevering, althans voor zover deze voor rekening komen van de huurder.

De gebreken komen voor rekening van de huurder indien de opleveringsverplichting van artikel 7:224 van het Burgerlijk Wetboek wordt geschonden. Het zal moeten gaan om gebreken die nog niet bestonden bij aanvang van de huurperiode en niet zijn veroorzaakt door ouderdom.
Op grond van artikel 6:83 sub b, 6:118 en 7:224 van het Burgerlijk Wetboek is in geval van een gebrekkige oplevering geen ingebrekestelling vereist. Een ingebrekestelling is een schriftelijke aanmaning waarbij de schuldenaar een redelijke termijn wordt gesteld om zijn verplichten na te komen. Indien de schuldenaar na de termijn in de ingebrekestelling nog steeds zijn verplichtingen niet nakomt, treedt verzuim in. Nu geen ingebrekestelling is vereist bij een gebrekkige oplevering, betekent dit dat de huurder direct in verzuim is. De datum van de eindoplevering moet worden gezien als een fatale termijn (een afgesproken periode waarin een handeling gedaan of geregeld dient te worden en waar beide partijen zich dienen te houden). Na het verstrijken van de fatale termijn mag de verhuurder tot herstel overgaan zonder dat de huurder nog eens de gelegenheid tot herstel wordt gegeven. Deze kosten tot herstel mogen op grond van de dagwaarde verrekend worden met de borgsom.

Vaak is bij het aangaan van de huurovereenkomst een beschrijving gemaakt van de toestand van de woning op dat moment deze is ondertekend door de huurder en de verhuurder. Indien tussen de huurder en verhuur geen beschrijving van het verhuurde is opgemaakt, wordt de huurder verondersteld het gehuurde in de staat te hebben ontvangen zoals deze is bij het einde van de huurovereenkomst. De bewijslast van gebreken ligt dan bij de verhuurder.

Onder normale omstandigheden moet de verhuurder je de borg terugbetalen aan het einde van de huurperiode. Wanneer en hoe snel een verhuurder de borgsom moet terugbetalen is niet wettelijk vastgesteld, vaak staat dit wel in de huurovereenkomst. Indien er geen termijn is afgesproken in de huurovereenkomst, behoort de huurder de verhuurder zelf aan te schrijven en een termijn te geven waarbinnen de borgsom moet worden terugbetaald. Als de borg uiteindelijk niet wordt terugbetaald en hier geen geldige reden voor is, kan de huurder een procedure starten bij de kantonrechter.

Is jouw borg onterecht niet terugbetaald, neem dan contact met ons op. Stichting Huurteams Nijmegen staat je bij.